maandag 20 november 2017

Van crinoline naar queue

Vandaag nemen we een kijkje bij de mode in de tijd dat Caroline Milton in Thuis op Dunleigh Hall aan het uitgaansleven gaat deelnemen. Natuurlijk wilde zo'n 19-jarig meisje niet uit de toon vallen bij haar leeftijdsgenoten. Niets nieuws, volgens mij.

In een eerder bericht heb ik de crinoline laten zien die in de jaren 1850 modern was bij de hogere klassen (bij Katie uit Op de vleugels van de wind). De crinoline was een geraamte dat de rokken rondom helemaal wijd liet uitstaan. Je hoeft maar naar de plaatjes te kijken om te snappen hoe onpraktisch deze mode was (zoals Jim terecht tegen Katie opmerkt).

Baljapon van zijde, 1856-59

Terwijl Caroline Milton uit Thuis op Dunleigh Hall opgroeit tot een jonge vrouw verdwijnt de crinoline dan ook uit het modebeeld. Aan de voorkant en zijkant vallen de jurken nu grotendeels natuurlijk langs het lichaam. Dat is beslist niet het geval aan de achterzijde. De vrouw uit 1876 maakt zich beduidend drukker over haar slanke (ingeregen) middeltje dan om de omvang van haar derrière. Die was indrukwekkend, dankzij de queue de Paris.

De wat? Nou, inderdaad. Over haar ondergoed draagt Caroline nog altijd een soort steunconstructie om haar middel: de tournure.

Links: tournure van metaaldraad omhuld met katoen uit 1871
Rechts: tournure van metaal en linnen uit 1872-74
Links: tournure van metaal en linnen uit 1875-78
Rechts: tournure van katoen en paardenhaar uit 1873

Gemaakt van staaldraad, paardenhaar, rollen stof en/of kussentjes kan de tournure de grote hoeveelheid stof van de japon ondersteunen die nu niet om Caroline heen maar naar achteren wordt gedrapeerd, met een weelde aan strikken, lint en kant. Op de japon hieronder kun je goed zien hoe dit is samengebonden en uitloopt in een sleep. Het is wel duidelijk dat de extra steun aan de achterkant nodig is.

Avondjapon van zijde met goudversiering uit 1878-80

Je ziet ook dat de japonnen in die periode veel roesjes, kantjes en sierstrookjes hebben om een meisjesachtig effect te creëren. De nadruk ligt op de smalle, hoge taille.

Katoenen japon uit de jaren 1870

De officiële benaming van het ding onder alle draperieën is de tournure, maar vanuit de 18e eeuw was nog de naam cul de Paris blijven hangen. Vanwege het fatsoen wordt die term al snel vervangen door queue de Paris. Zeg nou zelf, uit de mond van een dame klinkt 'staart' nu eenmaal netter dan 'kont'. Ook in het Frans.

Japon van katoen en zijde uit ca. 1875

Tegen de tijd dat we Caroline aan het eind van het boek verlaten, verdwijnt de tournure met de nogal onpraktische sleep. Enkele jaren is een hele strakke rok in de mode, waarin de dames slechts kleine stapjes kunnen nemen. Aan de achterzijde dragen ze dan alleen een klein kussentje, maar omstreeks 1883 keert de tournure in extremere vorm weer terug. Je kunt er wel een theekopje op plaatsen!
Zou ik een nieuwe hoofdpersoon zo'n jurk durven aantrekken?

Links: avondjapon van zijde uit 1884-86
Rechts: middagjapon van zijde uit 1885-88

In mijn bericht Carolines verkeerde baljapon kun je nog een jurk uit Carolines kledingkast bewonderen en in Daar komt de bruid laat ik ook haar trouwjapon zien.

Afbeeldingen: public domain, via www.metmuseum.org, New York, NY.

maandag 13 november 2017

Een kus van de Queen

Vandaag wil ik iets vertellen over een belangrijke gebeurtenis in het leven van welgestelde Victoriaanse meisjes. Over het moment waarop zij niet langer als kind, maar als volwassene werden beschouwd.
Eigenlijk was het hierbij zelfs niet genoeg als je ‘welgesteld’ was. Je moest uit de juiste familie komen of de juiste connecties hebben. Alleen dan kon je worden gepresenteerd... aan de koningin.

Dat evenement ging gepaard met veel gebruiken en tradities die ik zo goed mogelijk heb nagezocht voor Carolines presentatie in Thuis op Dunleigh Hall. Vlak nadat ik de scene had geschreven, besloten de makers van Downton Abbey om een kerstspecial uit te zenden rondom de presentatie van Lady Rose. Natuurlijk zat ik aan de buis gekluisterd! (En ja, ik heb mijn scene nog iets bijgeschaafd 😉.)


Adellijke jongedames zoals deze Lady Rose mochten sowieso aan het hof worden gepresenteerd als ze rond hun 18e jaar debuteerden en voor het eerst aan het uitgaansseizoen gingen deelnemen. Ook de dochters van belangrijke geestelijken en hogere leger- of marineofficieren hadden dit voorrecht. (Voor dochters van fabriekseigenaren, zoals Katie Shellesdale uit Op de vleugels van de wind gold dit niet.)
Hier komt ook mevrouw Simpson uit Thuis op Dunleigh Hall om het hoekje kijken. Als dochter van een admiraal is ze zelf gepresenteerd en heeft ze op haar beurt haar eigen dochter Nancy aan de koningin voorgesteld. Dat heeft Nancy’s aanzien verhoogd en ze heeft er een gunstig huwelijk aan overgehouden met een graaf.

Nu is mevrouw Simpson zo vriendelijk om ook een verzoek in te dienen voor de presentatie van de buitenlandse Caroline Milton. Om onbekende reden stemt het hof ermee in. Mevrouw Simpson moet dus een goede reputatie hebben gehad. En misschien hielp het dat de kroonprins bekend stond om zijn interesse in Amerikaanse meisjes? Hoe dan ook, ze ontvangt van het hof een oproep voor de 'drawing room' in Buckingham Palace op woensdag 10 mei 1876.
Deze datum heb ik niet helemaal zelf verzonnen; er werd echt een 'drawing room' gehouden. In oude krantenartikelen kon ik daarom lezen welke kleding koningin Victoria en de prinsessen op die middag droegen. Leuk om zulke details in mijn verhaal te verwerken!

Wat Caroline droeg was gebonden aan strenge regels. Haar japon moest licht van kleur zijn, bij voorkeur wit, met korte mouwen. Een sluier was verplicht, evenals twee witte veren in haar haren. En die mochten niet te klein zijn. De japon had een drie meter lange sleep, die Caroline over haar arm moest dragen tot ze aan de beurt was om de troonzaal binnen te gaan.


Je moest er iets voor over hebben om aan het hof gepresenteerd te worden. Om te beginnen stond het verkeer in de buurt van Buckingham Palace muurvast, zodat het rijtuig niets anders kon dan aansluiten in de file, met een groot publiek langs de zijlijn.


In het paleis aangekomen moest Caroline met de andere debutantes een eeuwigheid wachten tot ze aan de beurt was. En dat zonder te kunnen zitten of een slokje water te kunnen drinken.
Als het dan eindelijk zover was, kon de debutante haar sleep laten zakken en omringd door al die belangrijke leden van de hofhouding de troonzaal binnengaan.



Haar naam werd voorgelezen en ze moest een buiging voor de koningin maken. Een diepe buiging waarbij haar knie net de grond niet mocht raken. Daarna gaf ze de koningin een handkus.

Een diepe buiging, Illustrated London News, 21 mei 1887
© The Trustees of the Britisch Museum
Als de jongedame de dochter was van een hertog, markies of graaf kreeg ze een kus van de koningin op haar voorhoofd of wang. Die gewoonte werd afgeschaft toen de kroonprins en -prinses de 'drawing rooms' overnamen. Dat deden ze al regelmatig in de tijd van mijn boek. En al weet ik niet zeker of ze tot het einde bleef, ik was blij dat ik in elk geval een datum kon vinden waarop koningin Victoria wel zelf aanwezig was. Als Caroline dan toch gepresenteerd zou worden, dan ook echt aan de Queen!

Ook voor de prinsessen maakte de debutante een buiging en daarna kon ze vertrekken.
Dat was echter gemakkelijker gezegd dan gedaan, want het was onbeleefd om de koningin de rug toe te keren. Daarom moest ze achteruitlopen... met nog altijd die sleep van drie meter!

Dat was het dan! Weken van voorbereiding, een korte ceremonie en een heleboel zenuwen. Maar daarna hoorde ze wel bij de Society, werd ze uitgenodigd voor bals en feestjes die anders aan haar neus voorbij zouden gaan en had ze veel betere kansen om een geschikte echtgenoot te vinden. Voor een dame die aan het hof was gepresenteerd, gingen alle deuren open...

Tijdens een bal
Wilhelm Gause [Public domain], via Wikimedia Commons

Zie je op je mobiel niet alle afbeeldingen? Schakel dan over naar de internetversie van de site.

zondag 5 november 2017

Een brug tussen twee boeken

Door  het George Eastman House [No restrictions],
via Wikimedia Commons
Oplettende lezers die zowel Op de vleugels van de wind als Thuis op Dunleigh Hall hebben gelezen, vingen misschien een glimpje op van een oude bekende: Juliette Crawling, in 1856 getrouwd met bankier Edward Wallace.
De grote dag was aangebroken. Terwijl Katie in de indrukwekkende bruidsstoet de kerk binnen liep, zag ze tevreden dat alle versieringen goed tot hun recht kwamen. Samen met Juliette had ze de bloemen uitgekozen… De spanning steeg bij elke stap. Edward wachtte met zijn broer, die zijn getuige was, voor in de kerk en keek niet om naar zijn bruid. De andere gasten deden dat wel. Juliette was dan ook een plaatje in haar satijnen bruidsjapon, afgezet met veel kant en gecompleteerd met een witte sluier tot op haar middel, waarin een kunstig patroon was geweven. Ze droeg een boeket met orchideeën en rozen uit de kassen van haar schoonfamilie. Het was werkelijk prachtig.

Uit: Op de vleugels van de wind, hoofdstuk 38

[public domain], via James Gardiner Collection, flickr.com
Twintig jaar later, in 1876, geniet Juliette als mevrouw Wallace aanzien in de voornaamste kringen van New York. Genoeg om dochter Millicent met geschikte jongemannen in aanraking te brengen, iets waar mevrouw Milton voor haar dochter Caroline alleen maar van kan dromen in Thuis op Dunleigh Hall.

Er is me vaak gevraagd of ik een vervolg op Op de vleugels van de wind zou schrijven, maar het antwoord is ‘nee’. De verhalen van Katie, Jim, Megan en Scotty waren klaar en het zou niet interessant genoeg zijn om hen te blijven volgen. Daarom vond ik deze kleine knipoog zo leuk: een gastrolletje voor Juliette in Thuis op Dunleigh Hall, zonder dat ze te veel aandacht opeist.

Stiekem fantaseer ik dan zelf toch ook wel over die tussenliggende twintig jaar. Spreken Juliette en Katie elkaar nog wel eens? Kent dochter Millicent de penvriendin van haar moeder? Als Juliette in Thuis op Dunleigh Hall op de kade van New York over haar vertelt, wordt duidelijk hoe de scheepvaart is veranderd. Van de houten zeilschepen naar luxueuze oceaanstomers waarop ook Caroline Milton naar Europa reist. Hoeveel invloed heeft dat op Jims werk gehad?

Ik denk ook aan de Amerikaanse Burgeroorlog, waar Caroline als kind relatief weinig van heeft gemerkt. Maar zouden Jim en Scotty nog hebben gevochten? Heeft Katie haar verpleegsterservaring ingezet voor de vele gewonden? We zullen het nooit weten, wat ik ga geen poging doen om Lynn Austins trilogie te evenaren. ☺

Van Juliette verwacht ik wel dat ze zich als vrijwilligster heeft ingezet voor steun aan de soldaten van de Unie (voedsel, kleding, bemoedigende brieven). Ook na de oorlog doet ze immers veel aan liefdadigheidswerk en leert ze haar dochter op die manier naar anderen om te zien.

En hoewel het verdere verloop van Katie Shellesdales leven onbekend blijft, denk ik graag dat ze in elk geval op die manier invloed heeft gehad op haar vriendin… en op mijn nieuwe boek!

maandag 30 oktober 2017

Tally ho! Het jachtseizoen gaat beginnen…

Ken je die oude schilderijtjes of nostalgische plaatjes op oude trommeltjes? Ruiters in rode jassen op prachtige paarden, een meute gevlekte jachthonden aan hun voeten. Op de achtergrond een fraai, Engels landschap met een pub of een lieflijk bruggetje. Deze blog gaat over een evenement dat in werkelijkheid iets minder lieflijk was: de vossenjacht. Toch kon ik het niet laten hier een hoofdstuk aan te wijden in Thuis op Dunleigh Hall.

A Halt At The Inn door Heywood Hardy
[Public domain], via Wikimedia Commons
Voor de upper class begon het jachtseizoen in november en eindigde het als de bevroren grond te gevaarlijk werd voor paarden. De sport was voorbehouden aan rijke mensen: je moest vrije dagen hebben in deze periode en genoeg geld om goede paarden te onderhouden. En dan heb ik het nog niet over de bijkomende festiviteiten: bijeenkomsten met eten en drinken, jachtbals...

Sommige heren hadden hun eigen meute honden (een pack), maar het was gebruikelijk om daar per regio gezamenlijk voor te betalen. De gentleman die voor een jaar of langer ‘Master of the Hounds’ was, maakte helemaal veel kosten. De Ierse Lady Fingall, echtgenote van een graaf, schrijft in haar memoires dat manlief er bijna door failliet ging.

De vossenjacht was één van de weinige sporten waaraan vrouwen actief deelnamen. Als lid van de elite, zeker in Ierland, kan Caroline uit Thuis op Dunleigh Hall het dan ook niet maken om niet aan de jacht deel te nemen. Gelukkig kan ze uitstekend paardrijden, een activiteit waar Lady Fingall meer moeite mee zegt te hebben.

In Thuis op Dunleigh Hall verzamelen de jagers zich op de oprijlaan en het grasveld voor het landhuis, wat me een fantastisch gezicht lijkt. Op commando van de Master beginnen de honden te zoeken in het struikgewas. Eigenlijk doen zij het meeste werk, en volgen de jagers alleen maar. Als de vos wordt gesignaleerd, kan dat niemand ontgaan: de honden huilen, de hoorn klinkt en de jagers roepen de kreet: ‘Tally-ho’. (Vraag me niet wat het betekent.)

Watching the Hunt, 1895, door George Goodwin Kilburne
[Public domain], via Wikimedia Commons
Nu begint het echte werk: de honden jagen de vos op en de jagers gaan er in gestrekte galop achteraan.
Dit is een uitdagende achtervolging, ook voor goede ruiters als William en Caroline. Op hoge snelheid door bosjes en struikgewas, over stroompjes, boomstammen en kreupelhout.
Wat ik steeds vreemd vind, is dat de rit ook door akkers en bouwland gaat. Hoewel ze in die tijd van het jaar leeg zullen zijn, lijkt het me toch niet de beste manier om op goede voet te blijven met je pachtboeren. Maar zelfs voor William is dat geen reden om die belangrijke jacht af te blazen.

Misschien kan de vos zich tijdig verschuilen in een ondergronds hol, anders putten de honden het arme dier uit tot het erbij neervalt. Hoewel het niet ongebruikelijk was om de staart, kop of poten als trofee aan een deelnemer te geven (en wie zou een betere kandidaat zijn dan beginner en gastvrouw Caroline?) heb ik besloten in mijn boek niet verder uit te weiden over het lot van de vos.

Voor de dierenvrienden onder ons is het wel fijn om te weten dat deze vorm van jacht sinds 2004 in Engeland verboden is.

Full cry door Heywood Hardy
[Public domain], via Wikimedia Commons

maandag 23 oktober 2017

Carolines verkeerde baljapon

Jongedames die in Victoriaans Engeland naar een bal gaan, dragen lichte stoffen (tule over zijde of mousseline, bijvoorbeeld) in zachte pasteltinten.
Maar wat als je dit als Amerikaanse niet weet? Hoe reageren de andere debutantes als jij de show steelt in een warmrode creatie?

Voor Carolines eerste bal in Londen in Thuis op Dunleigh Hall vond ik inspiratie bij een prachtige, zijden japon die het Metropolian Museum of Art in New York tentoonstelt:




En kijk eens wat een schitterende details zo'n japon bevat:



Wil je weten hoe Carolines bal bij Lady Thurham verloopt? Lees het in Thuis op Dunleigh Hall vanaf hoofdstuk 4.

Afbeeldingen: public domain, via www.metmuseum.org, New York, NY.

maandag 16 oktober 2017

De Amerikaanse invasie

Wie vaker op mijn blog heeft gekeken, kan het bijna niet zijn ontgaan dat mijn eerste roman Op de vleugels van de wind als thema ‘Emigratie’ heeft. En wie van historische romans houdt, heeft vast ook wel eens gehoord over de miljoenen Europeanen die in de 19e eeuw naar Amerika reisden in de hoop op een betere toekomst.

In mijn tweede boek Thuis op Dunleigh Hall gaat de reis juist in omgekeerde richting en dat is een veel minder bekend fenomeen. Ik heb het over de buccaneers: de rijke, Amerikaanse meisjes die de Britse adel veroverden. In het laatste kwart van de 19e eeuw trokken meer dan 100 (!) Amerikaanse erfgenames Groot-Brittannië binnen en ruilden daar hun dollars in voor titels.
En net als bij de emigranten uit Op de vleugels van de wind rees bij mij de vraag: wat motiveerde hen? Hieronder probeer ik een tipje van de sluier op te lichten van het thema dat ik voor Thuis op Dunleigh Hall heb gekozen.
New York: van een emigrantenbuurt naar het luxe Fifth Avenue Hotel
[Public domain], via Wikimedia Commons

Wat motiveerde haar (of haar moeder)?
De Amerikaanse jongedame in kwestie was rijk, steenrijk. Haar vader had tijdens en na de Amerikaanse Burgeroorlog een fortuin verdiend met (oorlogs)industrie, spoorwegen of zelfs eten in blik. En dat was nu ook precies het probleem: dit nieuwe geld telde niet mee in de hoogste kringen. Mijn hoofdpersoon Caroline Milton komt uit New York, waar Mrs. Astor in die tijd de dienst uitmaakte. Reken maar niet dat zij mensen als de Miltons voor haar jaarlijkse bal uitnodigde. De Miltons waren misschien rijk, maar veel te ordinair en te protserig.
Mrs. Astor, die zelf afstamde
van de eerste Hollandse kolonisten,
bepaalde wie er meetelde in de
hoogste kringen van New York.
[Public domain], via Wikimedia Commons

De houding van Mrs. Astor en haar soortgenoten was mensen als Carolines moeder een doorn in het oog. Hun dochters moesten een goed huwelijk sluiten en dus richtten zij hun blik op een veel voornamere cultuur aan de overkant van de oceaan. Op Groot-Brittannië.

Wat motiveerde hem?
Het onderhouden van een groot landgoed was een dure aangelegenheid voor de 19e-eeuwse edelman. Er was een landbouwcrisis en de concurrentie van geïmporteerde, buitenlandse producten werd steeds groter. Tel daarbij op de kosten van feesten, bals en jachtpartijen die de adel wel moest organiseren om hun plaats in de sociale kringen te behouden. Hoe is zo’n extravagante levensstijl mogelijk zonder voldoende inkomsten?
Blenheim Palace, zetel van de hertog van Marlborough, verkeerde in verval
toen de 9e hertog op zoek ging naar een rijke Amerikaanse bruid.
Door Magnus Manske (Eigen werk), [GFDL, CC BY-SA 3.0], via Wikimedia Commons

Mijn hoofdpersoon William, graaf van Rassmore, ontdekt al heel snel dat hij zelf niet in staat is voldoende geld bijeen te brengen voor zijn landgoed Dunleigh, en dat gold voor veel leden van de adel. En dus richtten ook zij hun blik op de overkant van de oceaan. Op Amerika.

In het echt...
Tot welke verbintenissen leidde de obsessie van ambitieuze Amerikaanse mama’s voor alles wat Brits was? En de zoektocht van de verarmde adel naar een flinke zak met geld? Ik noem er slechts een paar:
In 1874 vond één van de eerste huwelijken plaats, in dit geval overigens niet puur vanwege geld of titels. De New Yorkse Jennie Jerome werd verliefd op Lord Randolph Churchill en trouwde met hem ondanks protesten van beide ouderparen.
Het gelukkige jonge paar: Lord en Lady Randolph Churchill
[Public domain], via Wikimedia Commons

Zij werd de moeder van Winston Churchill, die tijdens de Tweede Wereldoorlog premier van Groot-Brittannië was. Europa was populair bij de Jeromes: Jennies zus Clarita huwde een Engelse avonturier en later parlementslid, en haar andere zus Leonie een Ierse baronet.
Jennie Churchill met haar twee zonen, waarvan de oudste, Winston, premier zou worden
[Public domain], via Wikimedia Commons

Ook de overgrootmoeder van prinses Diana kwam uit Amerika. Frances Ellen Work, dochter van een effectenmakelaar, trouwde in 1880 met James Burke-Roche, die later baron werd. Hij was blut en het familielandgoed was verkocht toen hij naar Amerika ging, op zoek naar avonturen en een rijke bruid.
Frances Burke-Roche, overgrootmoeder van prinses Diana
[Public domain], via Wikimedia Commons

Als laatste wil ik Consuelo Vanderbilt noemen, omdat zij zo vriendelijk is geweest haar memoires na te laten (die ik overigens moeilijk door kon komen door alle opsommingen van voorname personen die ze heeft ontmoet). Consuelo trouwde onder grote druk van haar moeder op 18-jarige leeftijd met de negende hertog van Marlborough. Hij was 24 en een neefje van bovenstaande Jennie Churchill. Zijn grootvader en vader waren erg goed geweest in geld uitgeven en het prachtige Blenheim Palace was niet bepaald goedkoop in onderhoud.
Toen de jonge Consuelo haar debuut maakte,
bezat ze 20 miljoen dollar. Een goede vangst...
[Public domain], via Wikimedia Commons

Hun bruiloft in New York kostte een kapitaal. Consuelo droeg een japon van Worth, er waren vijf geestelijken aanwezig, de hele kerk stond vol bloemen, maar er was ook nog ruimte voor een orkest van 50 man en een 60-koppig koor. En nog een leuk detail: onder de bruiloftsgasten was Mrs. Astor, die de buccaneers niet in haar kringen had willen verwelkomen. Ze kon niet langer om deze jongedames heen!

Het resultaat
Na alle feestelijkheden moest de bruid, die gewend was aan aandacht en luxe, zich aanpassen aan de gewoonten van haar nieuwe land. Een land waar alles draaide om de heer des huizes en zij slechts een ondergeschikte rol speelde. Waar ze in Amerika betrekkelijk veel vrijheid kende, kwam ze nu terecht in een wereld van sociale etiquette en eeuwenoude tradities. Ze ging wonen in een oud landhuis dat nog lang niet van zoveel moderne gemakken was voorzien als haar New Yorkse villa. En ze werd geacht binnen afzienbare tijd een erfgenaam voort te brengen, en liefst nog eentje op reserve (an heir and a spare, aldus Consuelo, hertogin van Marlborough).
Al met al lijken het geen sprookjeshuwelijken:
  • Lord en Lady Churchill zochten allebei veelvuldig hun plezier buiten het huwelijk (naar verluidt zelfs bij de Britse kroonprins, die erg van de Amerikaanse dames gecharmeerd was).
  • Consuelo verliet haar hertog na een huwelijk van elf jaar, hoewel de officiële scheiding pas later volgde.
  • Frances en James Burke-Roche hielden het zelfs maar zes jaar met elkaar uit.
Dat belooft dus turbulente tijden voor William, graaf van Rassmore, en juffrouw Caroline Milton uit New York na hun bruiloft in Thuis op Dunleigh Hall.

Om dan toch op een positieve toon te eindigen nog een laatste rijke Amerikaanse erfgename: Mary Leiter. Toen ze hem voor het eerst zag, was ze op slag verliefd op George Curzon. In 1895 trouwde ze met hem en naar verluidt was hun huwelijk gelukkig. Drie jaar later werd Lord Curzon onderkoning van India, waardoor de Amerikaanse Mary de onderkoningin werd, na de koningin de hoogste sociale en politieke positie in het hele Britse Rijk.
Mary Leiter, Lady Curzon
[Public domain], via Wikimedia Commons

Voornaamste bron:
To Marry an English Lord door Gail MacColl en Carol Wallace (een boek met een schat aan informatie, veel humor en grappige anekdotes)

maandag 2 oktober 2017

Mooie recensie 'Thuis op Dunleigh Hall' op Wereldvanboeken.nl

Tijdens de boekpresentatie van Op de vleugels van de wind maakte ik kennis met Leanne en haar website Wereldvanboeken.nl, waarop ze uitgebreide recensies aanbiedt van heel veel christelijke romans. Sindsdien bezoek ik regelmatig haar site om bij te houden welke mooie, nieuwe boeken ik zelf allemaal nog wil lezen.

Over Thuis op Dunleigh Hall schrijft Leanne:
'Het verhaal is origineel, sfeervol en romantisch.'
En dat beschouw ik als een groot compliment! Op Wereldvanboeken.nl kun je de hele recensie lezen.